
1/2
Een stad met handelswaren wordt afgebouwd
Als een stad wordt afgebouwd, waarbinnen zich handelswaren bevinden, geldt het volgende. De stad wordt op de normale wijze geteld. De speler die de stad heeft afgebouwd, krijgt voor elk handelswarensymbool in die stad een handelswarenfiche van dezelfde soort uitgereikt. Hij is als het ware de rijkste koopman van de stad. De aanwezigheid van ridders in de stad speelt in dezen geen rol.
Handelswarenfiches leveren extra punten op
De speler die aan het einde van het spel de meeste wijnfiches bezit, krijgt 10 punten.
Dat geldt ook voor de spelers met de meeste graan- en lakenfiches. Als meerdere spelers de meeste fiches van een soort bezitten, krijgen zij elk de volle 10 punten.
Het varken en de bouwmeester worden behandeld als de overige horigen. Ze worden op een zojuist gelegde landtegel geplaatst. Er mogen geen andere horigen op die tegel geplaatst worden.
Het varken wordt op een weide geplaatst en kan de waarde van steden voor boeren verhogen. Een speler mag zijn varken alleen op een weiland zetten, als hij daar al minstens een boer heeft staan. Het varken mag tot het einde van het spel niet meer verplaatst worden. Bij de eindtelling krijgt de speler voor elke afgebouwde stad aan deze weide 4 in plaats van 3 punten, als hij deze weide bezit. Daarvoor wordt naar het aantal boeren gekeken. (Zie 'Puntenoverzicht' voor meer info)

2/2
Een speler kan zijn bouwmeester op een weg of in een stad plaatsen. Daardoor krijgt hij een extra beurt. Hoe werkt dat?
1. De speler zet een struikrover op een weg.
2. Hij legt in de volgende of in een latere beurt een landtegel aan, waardoor de weg langer wordt. Hij zet zijn bouwmeester op het nieuwe stuk weg.
3. Hij verlengt de weg in een latere beurt nogmaals (bouwt hem eventueel af). Dan mag de speler een tweede landtegel trekken en ergens plaatsen (deze hoeft niet aan de weg te passen).
Verdere bijzonderheden: • Er is geen kettingreactie. Als de speler met zijn tweede tegel de weg nogmaals verlengt, mag hij geen derde tegel trekken. • Als de weg in de loop van de dubbele beurt openblijft, blijft de bouwmeester staan. Zolang de weg open is, kan de speler op de beschreven manier dubbele beurten afdwingen. Als de weg wordt afgebouwd, komen de struikrover(s) en de bouwmeester in de voorraad van de speler terug. • De speler mag zowel op de eerste als op de tweede landtegel een horige plaatsen. Als de weg met de eerste landtegel wordt afgebouwd, mag de in de voorraad teruggekomen bouwmeester direct op de tweede landtegel geplaatst worden. • Op een weg kunnen bouwmeesters van meerdere spelers staan. • Mits de weg hen zonder onderbrekingen verbindt, kunnen tussen een struikrover en een bouwmeester een onbeperkt aantal landtegels liggen. • Alles wat hiervoor is uitgelegd, is ook van toepassing op steden. Men vervangt het begrip "weg" door "stad" en "struikrover' door "ridder". • Bouwmeesters mogen op wegen en in steden staan, maar nooit op weiden of in de rivier.